Een nieuw en succesvol ondernemingsmodel in Honduras

Een nieuw en succesvol ondernemingsmodel in Honduras

17/06/2015

Het consortium voor verkoop van landbouwproducten

De evolutie van de voedselvoorziening in en rond Tegucigalpa, de hoofdstad van Honduras is een treffend voorbeeld van hoe snel een markt kan evolueren en wat dit teweegbrengt bij zowel consumenten, distributie als producenten. Hoe de boerenorganisatie, die Vredeseilanden ondersteunt, daarmee omgaan kan u deze maand lezen in Het Vredeseilanden Magazine.

U kan er lezen hoe ze, uit noodzaak, de handen in elkaar sloegen en een nieuw en succesvol ondernemingsmodel uit de grond stampten, "Het Consortium voor verkoop van landbouwproducten van Honduras'. In het artikel dat volgt gaan we wat dieper in op een aantal aspecten van dit initiatief en hoe ze door de verschillende partijen worden ervaren.

Wat de boer er over zegt: "Terugkeren naar de informele markt is geen optie"

Toen de ondernemingen er nog niet waren, en het consortium nog veel minder, werkte ik op traditionele wijze voor de informele markt, tot ik het veld moest verlaten en als concierge werken in een huis in Tegucigalpa, omdat het niet rendabel was voor mij. Werken voor de informele markt… beter gaan slapen of sterven.
Het is correct dat daar geen kwaliteit vereist is, maar net zoals ze 200 lempira voor een doos kunnen betalen, kan dat 20 lempira zijn. Toen de ondernemingen gevormd werden, ben ik naar het veld teruggekeerd, omdat ik besefte dat ik nu wél zaken kon doen.

Voor een producent is het beste om aangesloten te zijn bij een bedrijf, ook al moet je dan plannen, opleiding krijgen, commissies betalen, 5% hier, 3% daar, omdat je volgens mij minder werkt en meer zekerheid hebt. Als onafhankelijk producent zal ik nooit hulp krijgen – niet van de Staat en niet van de Coöperatie. Echter, het is moeilijk om de mensen georganiseerd te krijgen, want zij zijn gewend te doen wat ze willen; zij vinden het niet leuk dat iemand hun vertelt hoe ze moeten produceren.

Indien een producent onafhankelijk is plant hij, na 3 of 4 maanden oogst hij en ontvangt hij zijn bealing en gaat dan weer planten om opnieuw 3 of 4 maanden te wachten en een inkomen te hebben. Als hij daarentegen georganiseerd en constant is krijgt hij elke week een cheque, niet elke 3 maanden. Daarenboven, indien ik een producent ben die aan La Colonia verkoopt via Hortisa, dan heb ik al vastgestelde prijzen, er is een prijzenband. Maar er zijn mensen die niet graag gespreid planten, die niet willen veranderen.

Meer macht

Het idee om met het Consortium te beginnen was om de commercialisering en het beheer te verbeteren. En om een idee te geven van de kracht die uitgaat van het Consortium: La Antorcha was sinds 3 of 4 maanden ongeveer 4 miljoen lempira (+/- 163.000 euro) schuldig aan Hortisa. Het Consortium is naar La Antorcha gegaan en ze hebben ons meteen betaald.

De relatie van de boerenorganisaties met Supermarkt La Colonia

Het aandeel van Hortisa bij La Colonia is 12.000 pond sla en er zijn weken geweest dat we hen 25.000 pond verkochten en zij die overnamen. Het probleem is wanneer zij niet overnemen wat is overeengekomen. Het is zoals het spreekwoord zegt: als je 99 van de 100 keren voldoet bij La Colonia en slechts 1 keer niet, misschien omwille van het weer, worden de 99 keren dat je voldeed gewist en beschouwen ze je als iemand die niet voldoet en kunnen ze zelfs je deel verlagen. Deze week heeft La Colonia 4000 bloemkolen aan 10 lempira per stuk niet overgenomen. Dat zijn 40.000 lempira die op het veld blijven en als de producent die gaat verkopen op de informele markt zullen ze hem in het beste geval 10 tot 15.000 lempira geven. Als de markt de afspraken niet nakomt, komt de kost daarvan op de schouders van de producent terecht. Het zou ideaal zijn als de onderneming een reservefonds had om de producent te helpen in dergelijke gevallen.

Indien we een getekend contract zouden hebben, zou dit misschien niet gebeuren. Ook al was La Colonia wel degelijk bereid om een contract te ondertekenen, wij wilden dat niet omdat een contract een tweesnijdend zwaard is; het houdt verplichtingen in voor de 2 kanten.

Producten met toegevoegde waarde ontwikkelen

Er is een Guatemalteekse onderneming die La Carreta heet en die ons voor is geweest, zij werken alleen met toegevoegde waarde. Zij kopen het product, verwerken het min of meer, versnijden het, verkappen het en verkopen het aan PriceSmart of andere supermarkten.

Wij verkopen kleine wortels die de norm van La Colonia niet halen, in zakken van 3 pond. We verkopen die echter voor de informele markt want om ze met toegevoegde waarde aan een supermarkt te kunnen verkopen vroegen zij ons de vervaldatum, de barcode en het sanitair register op de zakken te zetten.

Met het merk El Agricultor hopen wij op exclusiviteit in de markt, net zoals La Carreta, dat prestige heeft, en dat de kopers weten dat het kwaliteitsproducten zijn. Wij willen voorrang geven aan de aankopen van La Colonia of Walmart omdat we al een kwaliteitslabel hebben dat hen BPA en BPM (Beste Praktijken in Landbouw en in Behandeling) garandeert.

De rol van de coöperatie

In plattelandsondernemingen moeten de producenten hun capaciteiten om te leiden en beslissingen te nemen ontwikkelen, en Vredeseilanden midden Amerika helpt ons daarbij. Vredeseilanden Midden Amerika steunt de bedrijven zodat ze degelijk zijn getraind en goed opgeleid om te kunnen voldoen aan die normen van de formele markten, en om ook te kunnen onderhandelen. In deze zin zijn wij de Coöperatie dankbaar omdat wij zonder haar deze ondernemingen en het Consortium nooit goed zullen kunnen leiden.

Via de coöperatie weten wij nu wat beschermde landbouw is, druppelirrigatie, bodemanalyse, behoefte aan voedingsstoffen en al die zaken die we eerder niet wisten.

Artikel Pascal Chaput - Vredeseilanden Midden-Amerika

Bronnen: Wilmer Enrique García Ávila, voorzitter van de Raad van Bestuur van het consortium en voorzitter van de Raad van Bestuur van de onderneming PROVIASA, en Santos Paz Silva, voorzitter van de Raad van Bestuur van de onderneming HORTISA.