Wie wint (er bij) de wedloop naar cacao in Indonesië?

Wie wint (er bij) de wedloop naar cacao in Indonesië?

22/06/2011

Cacao is hot. Nu ook de consumenten in groeilanden massaal aan de chocolade gaan, kan de productie van cacao de vraag amper bijhouden. Chocoladeproducenten zijn dan ook koortsachtig op zoek naar geschikte producenten die hen ook op lange termijn kunnen bevoorraden. Dat is een enorme kans voor de 400.000 kleinschalige Indonesische boeren en hun families die leven van de cacaoteelt. Maar het scheelde niet veel of hun kansen waren verspeeld…

Indonesië is de derde cacaoproducent ter wereld – na Ivoorkust en Ghana. De laatste decennia rezen er echter tal van problemen in de cacaoteelt. Door het toepassen van onduurzame landbouwtechnieken (slechte bemesting, het te vroeg oogsten van de bonen,…) degradeerde de bodemkwaliteit en kwamen ziektes en plagen steeds vaker voor. Resultaat: de opbrengst en de kwaliteit van de cacao maakten een duik, samen met het inkomen van de boeren.

Ondertussen groeide de belangstelling voor cacao. Vooral cacao waarvan de oorsprong te traceren is en waarbij gecertificeerde productiesystemen duidelijke sociale- en milieurichtlijnen volgen. Belangrijke bedrijven hechten – ook onder druk van de consument – almaar meer belang aan gecertificeerde producten met fairtradelabel. Duurzaamheid wordt voor de aankopende bedrijven steeds vaker een criterium dat bepaald met welke producenten ze in zee gaan. 

Deze groeiende vraag naar duurzame, gecertificeerde ingrediënten opent nieuwe markten en nieuwe mogelijkheden voor de boeren. Het is dankzij die toenemende vraag naar duurzame cacao dat Vredeseilanden samen met een aantal commerciële partners de handen in elkaar wil slaan om de Indonesische boeren toegang te geven tot deze markt. Als boeren er alleen voor staan, is certificering gewoon niet rendabel en dus geen haalbare kaart. Het is dus belangrijk dat boeren zich organiseren in boerenorganisaties, want enkel door gezamenlijk te investeren in nieuwe, jongere bomen en duurzame landbouwtechnieken kunnen ze voldoen aan de strenge criteria.

Eén zo’n partnerschap werd gesmeed tussen boeren die lid zijn van de boerenorganisatie Jantan en het bedrijf Mars in Indonesië. Deze boeren kweken cacao als hoofdgewas. Om hun natte cacaobonen op de markt in Wolosoko te krijgen moesten de boeren van Wulanggitang een 5 uur durende reis ondernemen. 

In 2009 werd een overeenkomst gesloten met de hulp van de NGO Ayu Tani, een partner van Vredeseilanden Indonesië op Flores. Samen met hen en de ondersteuning van Vredeseilanden Indonesië kwam er een nieuw systeem voor collectieve vermarkting. Per dorp is er een marketingteam waar de boeren hun cacao naartoe brengen. Dat spaart de boeren alvast vijf uur reizen. Per drie teams is er ook een weegpost. De cacao wordt er niet alleen gewogen, maar ook gecontroleerd op kwaliteit. Het centrale secretariaat van Jantan voert prijsonderhandelingen met mogelijke kopers. Prijsevoluties worden op de voet gevolgd en die informatie stroomt weer door naar de boeren via de marketingteams in de dorpen.

Op dit moment is er één zo'n groter verkoper: PT Mars. Mars betaalt ook mee aan de zogenaamde Farmer Field Schools, waarbij boeren elkaar op het veld leren hoe ze hun teelttechnieken kunnen verbeteren en duurzamer maken.

Door te investeren in hun organisatie én de kwaliteit van hun product, zetten de boeren nu mee de prijs omdat ze zelf afnemers zoeken en de onderhandelingen voeren. Of hoe een boerenorganisatie het einde betekende van de manipulatie en de uitbuiting door tussenhandelaars.